Eusebiuskerk, Arnhem

Sociaal Kapitaal in de wijken

Het was dringen voor de deuren van de Eusebiuskerk in Arnhem waar op 21 november ’13 de tweede RUIMTEVOLK Expeditie plaatsvond, dit keer in het teken van ‘Nieuw Kapitaal’. Een prikkelend thema na het meer voor de hand liggende thema van vorig jaar ‘Nieuw Eigenaarschap in de Ruimtelijke Ordening’. Een spannend thema ook, dat meteen associaties en reacties oproept, bijvoorbeeld die van de jonge econoom en promovendus Niek Mouter met zijn blog: ‘Staak de zoektocht naar sociaal kapitaal’ (14 november). Een dapper en prettig tegengeluid tussen de zo gelijkgestemde voorhoede die zich maar al te graag wentelt in het blogbad van fora als RUIMTEVOLK. Mouter stelt voor om eerst een stap terug te doen, kritisch te reflecteren op gebiedsontwikkelingen en dán pas de zoektocht naar nieuw kapitaal te starten. Een prikkelende stelling.

PastedGraphic-1

Pärticiperü
Eerder in de week viel Vrij Nederland op de deurmat met op de cover de titel ‘Pärticiperü’, plus een getekende parodie op de gebruiksaanwijzingen voor het zelf in elkaar zetten van IKEA meubeltjes: het welbekende klussende mannetje met een vraagteken boven zijn hoofd. Zittend in een rolstoel kijkt hij ontredderd naar de losse onderdelen van de maatschappij die rondom hem over de vloer verspreid liggen*. Zijn we dan werkelijk de weg kwijt of moeten we nog ontdekken hoe we in een nieuwe situatie de verschillende onderdelen aan elkaar knopen?

Het is duidelijk dat ruimtelijk ordenend Nederland zoekende is naar nieuwe samenwerkingsvormen, andere waarden en nieuwe financieringsmodellen in een tijd dat er beduidend minder geld is voor investeringen in ruimtelijke kwaliteit. Juist daarom is het zo interessant dat RUIMTEVOLK voor de tweede keer de Expeditie organiseert en dat ze op dappere wijze vragen aan de orde stelt: hoe gaan we het doen, met wie, en vooral met welke middelen? Op zoek dus naar nieuw kapitaal in de vorm van iets anders dan geld, naar nieuwe verbintenissen en allianties.

Voortouw nemen
De ochtend begint met een korte introductie van Sjors de Vries van RUIMTEVOLK. Hij geeft in rap tempo een aantal voorbeelden van gebiedsontwikkelingen waarin burgers en lokale ondernemers het voortouw nemen. Het Schieblok in Rotterdam, de Coehoorn Centraal in Arnhem en WONGEMA;  het buurthuis 3.0 in Hornhuizen. Hij stipt vervolgens de actuele thema’s aan: de veranderde markt, veranderde rollen van opdrachtgevers en overheden en burgers, de verschuivingen in de zorg, krimp, zelforganisatie, collectief opdrachtgevers- en ondernemerschap, en last but not least: het thema wijkvernieuwing.

Vervreemd van het product
Vervolgens opent Marleen Stikker van Waag Society de Expeditie. Ze neemt het publiek mee op een digitale trip down memory lane, langs de eerste tekstuele verbindingen via computers, de eerste visuele lagen van het internet en de eerste gps-systemen. Ze laat daarmee zien waar de digitale en de fysieke wereld elkaar raken en waar de pracht van het www overgaat in de loerende gevaren van het verlies aan controle en privacy. Ze omschrijft beeldend hoe wij zelf tot data zijn geworden. Grote bedrijven kijken inmiddels met ons mee, bewaren al onze data en bepalen aan welke knoppen ze kunnen draaien om ons ‘gelukkiger’ te maken. Mede door deze bemoeizucht en het feit dat we permanent worden gevolgd, kalft het grote geloof in het internet af. De parallellen met de ruimtelijke sector zijn niet moeilijk te trekken. Stikker stelt echter dat moderne, en vooral open technologieën op een slimme manier kunnen worden ingezet voor maatschappelijke en ruimtelijke opgaven in de stad en dorp. Het is slechts een kwestie van weten wie op welke plek in de keten zit, het kapitaal aan de industrie laten, en zelf het ontwerp en maakproces weer toe-eigenen. We zijn vervreemd van het product en we moeten terrein terugwinnen om weer op een goede manier verantwoordelijk te kunnen zijn. Het mooie is dat dat nu kan, mede dankzij de kracht van het netwerk en open design. Als voorbeeld geeft ze de Fairphone: ‘A seriously cool smartphone that puts social values first’ (zie: http://www.fairphone.com/).

Dezelfde issues lijken zeer relevant voor de ruimtelijke ordening in Nederland, want aan welke knoppen draaien wij zelf nog? Waar pakken partijen anders dan overheden verantwoordelijkheden en kansen op en dragen zij bij aan een betere gebiedsontwikkeling en leefomgeving?

IMG_4761

Serendipity en verbinden
Sebastian Olma is directeur van Serendipity Lab en houdt een verhaal over ‘Serendipity’, ofwel de ongezochte vondst. Vertaald naar de gebiedsontwikkeling is dit uiteraard een pleidooi voor het creëren van ruimte voor ontmoeting. Want voor bedrijven en steden zit er grote waarde in ‘creative collisions’, het toevallig opdoen van nieuwe contacten en dus in bijvoorbeeld een fenomeen als co-working. Conclusie: het gaat erom de serendipity-principes toe te passen en daarbij het werkelijk potentieel van de stad te herkennen en in te zetten.
Daan Roosegaarde (Studio Roosegaarde) gooit het vervolgens op een luchtige manier over een andere boeg: hij inspireert met het zichtbare plezier in zijn werk en zijn verhalen over het verbinden van verschillende werelden: van technologie, design en kunst, en het samenwerken met partijen die buiten zijn comfort zone liggen. Nieuw kapitaal zit ook in het leggen van nieuwe verbindingen.

Niet makkelijk, wel leuk
In de ochtend zijn er zes verschillende deelsessies die in thematiek variëren van nieuwe financieringsmodellen, de implementatie van een nieuwe omgevingswet tot en met de civil society. De deelsessie ‘Nieuwe financieringsmodellen voor stedelijke transformatie en gebiedsontwikkeling’ laat sprekers aan het woord als Marcus Fernhout (Codum, Schieblok, A-Lab), Damo Holt (Ecorys), Oswald Devisch (Universiteit van Hasselt) en Sebastian Olma (Serendipity Lab). Het avontuurlijke verhaal van de jonge ontwikkelaar Marcus Fernhout komt het beste uit de verf. Zijn werkwijze is er een van aanpakken en handelen vanuit een sterk geloof in een plek, goeie mensen om je heen verzamelen, en voorinvesteren door de partijen vooraf met alle handen op één buik te krijgen. Liefst in de vorm van een stapel huurcontracten natuurlijk. Er hoeft op deze manier geen bank aan te pas te komen. Het toont aan dat alternatieve financieringsmodellen wel degelijk mogelijk zijn.
Tenslotte komen er interessante uitspraken van Damo Holt over het ‘boetseren’ aan projecten met verschillende ingrediënten; met geld en inzet vanuit de wijk, het betrekken van ondersteunende fondsen, ondernemers uit de wijk en ‘Halal financieren’. Holt: ‘Het is niet makkelijk, maar wel leuk’.

Lokale economieën
In de middag, tijdens de deelsessie ‘Nieuw Kapitaal voor wijkvernieuwing’ laten verschillende sprekers zien hoe ze nu het investeringsvermogen van overheden en corporaties drastisch verminderd is, bezig zijn met hele concrete projecten in de wijkaanpak. Martien Kromhout vertelt over de lokale munteenheid ‘De Zuiderling’ in Rotterdam Zuid waarmee een lokale wijkeconomie wordt gecreëerd. Het papieren briefje leidt ertoe dat mensen elkaar weer ontmoeten en zaken voor elkaar gaan regelen. Sander Nieuwenhuis van Bruis Advies belicht hoe hij in opdracht van corporatie Havensteder in Capelle aan de IJssel met behulp van een crowdfundmethodiek al meer dan 3.000 bewonersinitiatieven kon uitvoeren. Intussen onderzoekt Bruis Advies samen met de Rabobank, de corporatie en de gemeente de mogelijkheden om het platform te transformeren tot een Capelle-breed crowdfund- en crowdsourceplatform. Hier voor wordt – u raadt het al – samenwerking gezocht met het lokale bedrijfsleven, verenigingen en bewonersorganisaties.

Lessen uit de kerk
Uit alle mooie verhalen tijdens deze Expeditie valt te destilleren dat het Nieuwe Kapitaal zit in het samenwerken met andere disciplines en partijen buiten de comfort zone, in
sociaal kapitaal, in het herkennen en inzetten van aanwezige potenties en netwerken in de stad, in wijken en in onszelf. Zo is het Nieuw kapitaal vaak voor handen in de vorm van kleinschalige initiatieven die met steun uit de omgeving op eenvoudige wijze gerealiseerd kunnen worden. Verassende innovaties in gebiedsontwikkeling kunnen ontstaan wanneer gemeenten meer loslaten, hun verdiencapaciteit durven over te dragen en durven te werken zonder eindbeelden. En ontwerpers? Voor hen is het de uitdaging om op slimme manieren met het aanwezige kapitaal te ontwerpen.

Nieuwe koers voor RUIMTEVOLK
De vraag die nagonst is of alle participatieprocessen, collectieve initiatieven, bottom-up gebiedsontwikkelingen en voorinvesteringen, inderdaad dé antwoorden vormen op een ruimtelijke ordening die zoals zo vaak gezegd de weg kwijt is. De stemming in de Eusebiuskerk lijkt echter eensgezind en krijgt aan het eind van de middag een hoog ‘samenopweg’-karakter.

Alle geëtaleerde visies en casussen zijn stuk voor stuk afkomstig van partijen die domweg ‘goed bezig’ zijn. Ze zijn stuk voor stuk inspirerend en hoopgevend. Wel is het jammer dat deze Expeditie daarmee het karakter van een showroom niet ontstijgt omdat kritische discussies in de deelsessies nauwelijks van de grond komen. Bovendien is er sprake van een behoorlijke incrowd, en hoort het gros van de aanwezigen doordoor weinig nieuws. Dat het team van RUIMTEVOLK aan het eind van dag aankondigt dat ze vanaf volgend jaar een nieuwe koers zal inslaan, en wellicht daarmee zelf ook uit haar eigen comfort zone zal stappen, maakt des te nieuwsgieriger.

* De prent op de cover van Vrij Nederland werd geplaatst bij het artikel ‘De Doe-het-zelf-maatschapppij’ n.a.v het verschijnen van het boek ‘Sociaal-doe-het-zelven’ over mensen die zich verenigen om het heft in eigen hand te nemen en verantwoordelijkheid nemen voor hun eigen leefomgeving.

 

 

Deel via
Deel via facebookDeel via twitter